Hydrauliekolie bijvullen, spoelen en ontluchten: zo doet u het goed

Uw cabriodak werkt op hydraulische druk, en daarvoor is voldoende olie nodig. Weet u al welke olie uw cabrio nodig heeft? Dan begint het pas: hoeveel moet erin, hoe krijgt u de oude olie eruit, en waarom werkt het dak na het bijvullen soms slechter dan daarvoor? Dat laatste is meestal lucht in het systeem. Hieronder leest u hoe u dat voorkomt.

 

Bijvullen is een symptoom, geen oplossing

Een hydraulisch systeem is gesloten. Er hoort niets uit te verdwijnen. Staat het niveau te laag, dan is de olie ergens naartoe gegaan, en dat is vrijwel altijd een lek. Voordat u de dop van het reservoir haalt, loopt u dus eerst dit lijstje langs:

  • Kijk onder de auto en in de kofferbak: olievlekken bij de pomp, langs de cilinders of op de bodembekleding wijzen direct de plek aan.
  • Controleer de slangen bij de scharnierpunten: daar buigen de leidingen bij elke dakbeweging. Dat is de plek waar ze na tien tot vijftien jaar scheuren.
  • Ruik: hydrauliekolie heeft een herkenbare, zoetige geur. Ruikt de kofferbak ernaar zonder dat u een plas ziet, dan zit het lek waarschijnlijk hoger.

Vindt u een lek, dan heeft bijvullen alleen zin als tijdelijke noodgreep. De olie loopt er weer uit, en een systeem dat lucht aanzuigt beschadigt op termijn de pomp. Vindt u een klein lek in één slang? Dan hoeft u zelden de hele leiding te vervangen. Met een reparatieset vervangt u alleen het beschadigde stuk.

 

Wat u nodig heeft

  • De juiste hydrauliekolie voor uw systeem
  • Een schone trechter of een spuit met slangetje
  • Een pluisvrije doek
  • Handschoenen en een veiligheidsbril
  • Een opvangbak als u gaat spoelen

Reken op ongeveer een halve liter voor bijvullen. Wilt u het systeem echt spoelen, dan heeft u meer nodig. Eén flesje van 500 ml is bij de meeste compacte cabriosystemen genoeg om twee keer te spoelen, maar controleer de inhoud van uw eigen systeem in de werkplaatshandleiding.

 

Meng nooit twee soorten olie

Dit is de meest gemaakte fout, en de duurste. Minerale olie (beige, ZH-M) en synthetische olie (groen, CHF) zijn niet met elkaar te combineren. Mengt u ze, dan kan de olie uitvlokken of gaan schuimen. Het gevolg: verstopte kanaaltjes, aangetaste afdichtingen en op termijn een pomp die het begeeft.

Weet u niet welke olie erin zit? Kijk naar de kleur van wat er nu in het reservoir staat en vergelijk dat met wat de fabrikant voorschrijft. Twijfelt u, spoel dan het systeem volledig door in plaats van bij te vullen. Dat kost meer olie, maar het is een stuk goedkoper dan een nieuwe pomp.

 

Stap 1: zet de auto goed neer

  • Parkeer op een vlakke ondergrond.
  • Zet het dak in de stand die de fabrikant voorschrijft voor het controleren van het olieniveau. Bij veel modellen is dat volledig gesloten, bij sommige juist volledig geopend. Dit verschilt per merk en het maakt echt uit voor de afleeswaarde.
  • Trek de handrem aan en zet het contact uit.
  • Laat de auto afkoelen als u net gereden heeft.

 

Stap 2: vind het reservoir

Het reservoir zit bij de pomp. De pomp zit meestal in de kofferbak, achter een zijbekleding of onder de bodemplaat. Bij sommige modellen achter een wielkast of onder de achterbank.

Maak de omgeving van de dop schoon voordat u hem opent. Vuil dat in een hydraulisch systeem valt beschadigt de pomp van binnenuit.

 

Stap 3: lees het niveau af

Veel reservoirs hebben een MIN- en MAX-streep. Zit er geen streep op, dan geldt bij de meeste systemen dat het reservoir tot ongeveer twee derde gevuld hoort te zijn. Dat is een vuistregel, geen voorschrift: raadpleeg bij twijfel de werkplaatsgegevens van uw model.

Vul nooit tot de rand. Olie zet uit bij warmte, en een te vol reservoir perst olie langs de dop naar buiten.

 

Stap 4: vul langzaam bij

Giet in kleine hoeveelheden en laat de olie steeds even zakken. Snel gieten sleept lucht mee naar binnen, en juist die lucht veroorzaakt de klachten die u wilde verhelpen. Controleer tussendoor het niveau. Bijvullen doet u in stapjes van enkele centiliters, niet in één keer.

 

Stap 5: ontluchten

Dit is de stap die de meeste doe-het-zelvers overslaan, en de reden dat een dak na bijvullen soms schokkerig of traag beweegt. De meeste cabriosystemen ontluchten zichzelf als u het dak een aantal keer volledig laat doorlopen:

  1. Laat het dak volledig openen. Wacht tot de beweging helemaal klaar is.
  2. Laat het dak volledig sluiten. Wacht opnieuw.
  3. Herhaal dit drie tot vijf keer.
  4. Controleer na elke cyclus het olieniveau en vul zo nodig bij. Bij het ontluchten verdwijnt olie in de leidingen die eerst nog lucht bevatten.

Beweegt het dak nog steeds ongelijkmatig, hoort u de pomp gorgelen, of blijft het dak halverwege hangen? Dan zit er nog lucht in, of het systeem heeft een specifieke ontluchtingsprocedure nodig. Sommige modellen hebben ontluchtingsnippels bij de cilinders of een aangestuurde procedure via de diagnosecomputer. Forceer dit niet: een pomp die lucht rondpompt raakt beschadigd.

 

Stap 6: controleer op lekkage

Laat de auto een dag staan en kijk daarna opnieuw. Zakt het niveau weer, dan is er een lek dat u nog niet gevonden heeft.

 

Wanneer spoelen in plaats van bijvullen?

Spoelen is verstandig als:

  • de olie donker, troebel of melkachtig is
  • er ooit een verkeerde olie is bijgevuld
  • het systeem lang open heeft gestaan en vocht heeft kunnen aantrekken
  • u een pomp of cilinder heeft vervangen en zeker wilt zijn van schone olie
  • het dak traag en ongelijkmatig beweegt zonder dat u een lek vindt

Melkachtige olie betekent water in het systeem. Dat vraagt om spoelen, niet om bijvullen. Bij spoelen tapt u de oude olie af, vult u met verse olie, laat u het dak een aantal keer doorlopen en tapt u opnieuw af. Bij zwaar vervuilde systemen herhaalt u dat. Reken op minimaal twee doorgangen.

 

Wanneer u beter stopt

Schakel hulp in als:

  • de pomp gorgelt of piept en het dak niet doorloopt
  • het niveau binnen enkele dagen opnieuw zakt
  • de olie melkachtig is
  • uw model een ontluchtingsprocedure via diagnoseapparatuur vereist
  • u niet zeker weet welke olie erin zit

 

Veiligheid

Hydraulische systemen staan onder druk. Maak nooit een leiding of koppeling los terwijl het systeem onder druk staat, en houd uw handen weg bij de scharnierpunten van het dak. Werk niet onder een dak dat alleen door hydraulische druk omhoog wordt gehouden.

Draag handschoenen en een bril: hydrauliekolie is huid- en oogirriterend. Vang afgetapte olie op en lever die in bij een inzamelpunt. Hydrauliekolie hoort niet in het riool.

 

Houd het dak soepel

Goed onderhoud voorkomt een groot deel van de storingen. Houd de bewegende delen vrij van vuil en gebruik geschikte smeermiddelen, en behandel de afdichtrubbers regelmatig met de juiste onderhoudsmiddelen. Een dak dat licht loopt, belast het hydraulische systeem minder.

 

Twijfelt u over het type olie of komt u er niet uit? Neem contact met ons op. De juiste hydrauliekolie bestelt u direct bij ons.

Terug naar blog

Contactformulier